Koffie geschiedenis: verhalen uit Constantinopel

In de bundel ‘Andere Koffieverhalen‘ hoort natuurlijk ook een stukje koffie geschiedenis thuis. En vandaar dat ik maar eens in de koffie geschiedenis boeken ben gedoken. Via die boeken kwam ik in het 16-eeuwse Istanbul terecht dat toen nog Constantinopel heette. Terwijl men in Europa amper wist wat koffie was, lurkten de bewoners van Contstantinopel dagelijks meerdere keren aan hun kommetjes koffie. 
Arm en rijk….

Of je nu arm of rijk was. Of dat je van Turkse komaf was of Armeense, Griekse of Joodse voorouders had. Het maakte niet uit. Iedereen dronk koffie in Constantinopel. Dat blijkt althans uit de koffie geschiedenis van deze stad. En dat koffie drinken deed je niet alleen in speciaal daarvoor bestemde koffiehuizen, zoals in veel oostelijke landen het geval was.

Een Turks Koffiehuis - door Preziosi (Victoria and Albert Museum, Londen)
A Turkish Coffee House, door Preziosi (Victoria & Albert Museum, Londen)

Bij de stadsbewoners thuis werd namelijk ook meerdere keren per dag koffie gedronken. Ik kwam zelfs een vermelding tegen dat de thuisconsumptie in Constatinopel op circa 20 kommetjes per persoon per dag lag. En ja, je leest het goed. Men dronk uit kommetjes. Kopjes met oortjes, zoals wij die kennen, gebruikte men toen nog niet. Een kommetje koffie weigeren? Dat wilde je wel nalaten. Je beledigde daarmee je gastheer of gastvrouw.

Even snel een bakkie doen….?

‘Even snel een bakkie doen’, was ook niet gebruikelijk. Koffie schenken en drinken in Constantinopel was een lang durende, bijna ceremoniële gebeurtenis. Zo werden er diverse beleefdheidsgroeten geuit. Daarnaast informeerde men breeduit naar elkaars gezondheid. Ook het wel en wee van de families passeerde de revue. En er werd volop over het geloof gesproken. Bovendien werden er diverse handelingen (of rituelen) uitgevoerd tijdens het koffie drinken. Die rituelen deden wel een beetje deden denken aan de Japanse Theeceremonie.

Koekje erbij?

Wij, Nederlanders, zijn gewend om tijdens ons bakkie leut één of meerdere koekjes naar binnen te werken. In het 16e-eeuwse Constatinopel ging het er toch iets gezonder aan toe. De koffie drinkende bewoners van de stad kregen veelal meloenpitten en dadels geserveerd. En juist die dadels bevatten een flinke dosis vitamines (o.a. vitamine B).

De koffiebedienden

Alhoewel arm en rijk koffie dronken in Constantinopel waren het slechts de rijken die zich koffiebedienden konden veroorloven. Deze bedienden waren de hele dag in de weer met koffie zetten en het opdienen ervan. Er waren zelfs welgestelde families die meerdere koffiebedienden in hun huis hadden rondlopen. Het hoofd van de koffiebedienden werd de kahveghi genoemd. Hij had een heel bijzonder privilege, namelijk een eigen ‘appartement’, vlak naast de koffiezaal. Helaas voor de kahveghi was zijn appartement vaak niet veel groter dan een kast….. Maar toch, hij had zijn eigen stekkie. Waar de andere bedienden verbleven vertelt de geschiedenis niet (kennelijk was dat de moeite van het vermelden niet waard).

Het serveren van de koffie
De koffie werd met de nodige opsmuk door de bedienden geserveerd. Zo gebruikten ze dure zilveren of prachtig bewerkte houten dienbladen. Op de bladen stonden soms wel meer dan 20 kommetjes. En die moesten allemaal zonder morsen naar de gasten worden gebracht. Zoals ik al eerder schreef hadden de kommetjes geen oortjes zoals als onze hedendaagse kopjes. Daarom werd de kommetjes slechts halfvol geschonken. Op die manier wilde men voorkomen dat de gasten hun vingers brandden als ze de bovenkant van de kommetjes beetpakten. Een andere maatregel ter voorkoming van verbrande vingers, was dat er bedienden werd aangesteld die tot taak hadden om de gloeiend hete kommetjes met een razendsnelle beweging van het dienblad te pakken en deze de gasten voor te zetten. De gasten bleven daardoor in ieder geval brandblaar vrij……

Tot zover Constantinopel en haar koffie geschiedenis.
Meer koffieverhalen? Kijk dan op de overzichtspagina.